In dit artikel wordt ingegaan op de waardering van de aandelen van de holding van een dga bij echtscheiding, in het geval de dga in gemeenschap van goederen is getrouwd. De aandelen behoren tot de te verdelen gemeenschap. Daarvan wordt 50% aan de dga toebedeeld (notarieel). De dga dient zijn echtgenote uit te kopen.

Daarnaast hebben wij als vervolg op dit artikel een whitepaper gepubliceerd “Een kat in de zak bij echtscheiding?”. Voor de meest actuele informatie omtrent de wet uitfasering pensioen in eigen beheer en overige fiscale pensioenmaatregelen download hier het whitepaper. 

Peildatum waardering

Bij de waardebepaling zijn twee (wettelijke) peildata van belang. De peildatum voor vaststelling van de omvang van de gemeenschap van goederen (dit is bij indienen echtscheidingsverzoek) en voor de waarde van de aandelen; dit is het moment van feitelijke verdeling.

Het geschil over de waarde kan lang duren. Daarom kunnen partijen beter samen één peildatum afspreken. De risico’s voor waardedaling of -stijging na deze peildatum komen dan voor rekening van de dga. Dat is ook juist, want de dga heeft immers de meeste invloed op de waarde van de onderneming.

Waarde in het economisch verkeer versus economische waarde

Bij een echtscheiding worden bezittingen in de verdeling betrokken tegen de waarde in het economisch verkeer (dit is de prijs). Dat zou dan ook toegepast kunnen worden op de aandelen. De waarde in het economisch verkeer is de prijs die op de meest geschikte wijze na de beste voorbereiding door de meestbiedende gegadigde aan de ondernemer voor de (in casu) aandelen zou zijn geboden/betaald .

Als de waardeuitkomst zou moeten zijn; de waarde in het economisch verkeer (prijs), is de vraag wat de prijs dan is bij 50% (dat deel wat volgens het huwelijksgoederenrecht toekomt aan de echtgenote) . Het gaat dan om een prijs die door onderhandeling in de markt tot stand zou moeten komen. Maar dat gebeurt in werkelijkheid niet bij een echtscheiding; er worden geen aandelen op de vrije markt verkocht.

Hof Den Haag (14-06-2011, BR3775 ) heeft daarover een praktische uitspraak gedaan. Naar het oordeel van het hof is bij verdeling van een huwelijksgemeenschap waartoe ondernemingsvermogen behoort, niet het uitgangspunt de waarde van de onderneming in het economische verkeer, omdat het niet redelijk en billijk is dat de dga de aandelen –zijn bron van inkomen – zal vervreemden bij echtscheiding.

Op basis van dat uitgangspunt dient naar onze mening bepaald te worden de waarde van de geldstromen die de echtgenote gaat missen door de echtscheiding. Deze cashflows representeren de economische waarde.

Economische waarde

Uitgangspunt in dit artikel is aldus de economische waarde. Hierbij wordt de waarde gerelateerd aan de verwachte vrije geldstromen die contant worden gemaakt naar het waarderingsmoment; de Discounted Cash Flow (DCF) methode.

Hiermee wordt de ondernemingswaarde berekend. Na aftrek van schulden resteert de zogenaamde economische waarde van het eigen vermogen.

In het burgerlijk wetboek zijn geen grondlagen vermeld op basis waarvan de waarde van ondernemingsvermogen moet worden vastgesteld (in casu waardering aandelen). Het behoort tot het debat van partijen wat de grondslag voor de waardering van de aandelen dient te zijn.

Het is daarom belangrijk vooraf te bepalen dat de economische waarde bepaald moet worden en niet de prijs. In de praktijk zie je vaak een discount op de berekende economische waarde om tot de prijs te komen. Maar dat is een afslag die subjectief door de waardeerder moet worden bepaald. Er is immers geen echte markt waarin een prijs voor de aandelen tot stand komt.

Waardebepaling aandelen door een Register Valuator[1]

Voor de toekomstige verwachte rendementen worden door partijen prognoses opgemaakt. De verwachtingen daarin zijn subjectief. De dga en zijn echtgenote hebben vaak tegengestelde verwachtingen. Een Register Valuator kan hiervoor een oplossing aanreiken, door voorliggende prognoses te analyseren en te becommentariëren.

Als de Register Valuator als onafhankelijk deskundige voor beide partijen optreedt, dient duidelijk te zijn hoe de “procedure van de waardering” verloopt. Dit om de onafhankelijkheid te waarborgen. De Register Valuator zal op basis van de voorliggende gegevens en hoor en wederhoor zijn eigen aannames doen en verantwoorden. Daarbij let hij of zij (ondermeer) op onderstaande punten.

Aandachtspunten waardering aandelen bij echtscheiding

  • Waarderen op basis van Stand-alone going concern: dat wil zeggen continuering van de te waarderen onderneming, uitgaande van de bestaande situatie en bij ongewijzigd beleid en bestaande financiering, immers dat is de situatie. Het is bij een echtscheiding niet reëel uit te gaan van een zogenaamde strategische waarde. Dit is de waarde die ontstaat door de (synergie) voordelen die een strategische koper zou kunnen behalen.
  • Alimentatie en waarde: De hoogte van het inkomen voor het bepalen van alimentatie wordt vaak apart berekend. Het inkomen van de dga dat de basis is voor de alimentatieberekening, moet ook worden gehanteerd in de waardeberekening, dit om een dubbeltelling in waarde en inkomen te voorkomen.
  • Als de dga een lening heeft van zijn holding (het te waarderen object) moet de rente marktconform zijn. Zo neen, dan wordt de economische waarde van de lening berekend.
  • Waardering pensioenvoorziening (indien aanwezig): Deze staat tegen fiscale waarde op de balans. Herrekening naar de commerciële waarde dient plaats te vinden. Het verschil met de boekwaarde en commerciële waarde, inclusief belastingeffect, dient te worden meegenomen. De echtgenote heeft recht op haar deel in deze commerciële waarde. NB. Door nieuwe wetgeving komt de opbouw van pensioen in eigen beheer te vervallen. Bij echtscheiding dienen de gevolgen hiervan te worden meegenomen.

Betaling, financiering en AB-claim

Bij financiering van de koopsom kan de onderneming te zwaar worden belast, waardoor mogelijk de continuïteit van de onderneming in gevaar wordt gebracht. Daar houdt de rechter rekening mee. Hierbij moet wel bedacht worden dat de betaling op aandeelhoudersniveau moet plaatsvinden en niet binnen de onderneming.

Advies inwinnen over de financierbaarheid van de koopsom voor 50% van de aandelen bij echtscheiding, is dus belangrijk. In het waarderingsrapport kan een paragraaf worden opgenomen over de financierbaarheid van de transactie. Het gevolg daarvan is wel dat daardoor mogelijk een correctie / afslag ontstaat op de berekende economische waarde.

De toedeling van de aandelen aan de dga valt onder de aanmerkelijk belangheffing van 25% (AB-claim). Deze AB-claim kan worden doorgeschoven binnen 2 jaar na datum van ontbinding van het huwelijk. Het is raadzaam de echtscheiding vóór het einde van deze termijn af te wikkelen. In de praktijk wordt de contante waarde van deze AB- claim vaak in de verdeling betrokken tegen het nominale percentage van 25%.

Conclusie

Uit het voorgaande blijkt dat het raadzaam is in een vroeg stadium een Register Valuator in te schakelen bij een (dreigende) echtscheiding. Aeternus heeft daarvoor een gespecialiseerde afdeling: Valuation Advisory Services.

[1] Een Registervaluator (RV) is een financieel deskundige die gespecialiseerd is in de bepaling van de waarde van een onderneming.

New call-to-action
Meer kennisdocumenten